Ongepast toewijzen

 In Algemeen

Achteloos gooit ze de sleutels van haar Mercedes cabrio mercedes-cabrioop de balie. “Zo, hèhè, even zitten hoor, those heels are killing me”, zucht ze, terwijl ze met haar hand haar donkerblauwe rokje gladstrijkt en inspecteert of de kraag van haar blauw-wit gestreepte blouse onder haar onberispelijke jasje nog goed zit.

“Drukdrukdruk”, zo gaat ze verder, “zo dadelijk moet ik even op de manege zijn, en dan straks dat hockey-weekend nog, joh, ik had ook geen idéé dat het werkzame leven zó duur zou zijn, soms verlang ik gewoon terug naar 2 jaar geleden, toen ik nog studeerde, snap je?” en ze legt haar inkomensverklaring 2016 (verzamelinkomen € 8.569) op de balie: “ik ben zo blij dat ik aanmerking kom voor deze voordelige huurwoning!”

Ok. Het is een beetje over-the-top misschien, dit verhaaltje. Maar het is een systematiek waar elke verhuurmedewerker eens in de zoveel tijd mee te maken krijgt.

Want wat zegt de wetgever?

“Het initiatief tot het overleggen van de actuele inkomensgegevens ligt uitsluitend bij de (toekomstige) huurder en niet bij de toegelaten instelling.” De drukdrukdrukke mevrouw naar haar recente loongegevens vragen en haar op basis daarvan de sociale huurwoning ontzeggen is dus niet toegestaan. Pas maar op, straks gaat ze een wit wijntje drinken met haar bevriende advocaat en dan heb je de poppen aan het dansen.

De bedoeling: een zo eenvoudig mogelijk proces

Met de systematiek van inkomensregistratie heeft de wetgever een zo eenvoudig mogelijk proces in gedachten gehad waarmee de verhuurmedewerker uit de voeten moet kunnen zonder salarisadministrateur of financieel specialist te hoeven zijn. En dus kunnen kandidaat-huurders aanspraak maken op een woning op basis van inkomensgegevens van 2 jaar geleden. Vaak is dat handig. Soms ook wel een beetje vreemd.

Er zijn nog meer voorbeelden. Situaties die deelnemers aan de training Inkomensregistratie en passend toewijzen met grote regelmaat delen, en waarbij dan een mismoedige zucht met de nodige ‘eye-rolling’ volgt. Verhuurmedewerkers doen immers hun stinkende best om de woningen die vrijkomen zo goed mogelijk te verhuren aan mensen die anders niet aan de bak zouden komen, maar zien zich regelmatig gefrustreerd door het ‘systeem’.

Hetzelfde geldt voor situaties waarbij sprake is van vermogen. Het is op zich al bijzonder dat vermogen niet hoeft te worden aangetoond (‘wàtte???- dus als-ie zegt dat-ie 2 ton heeft dan….?’), maar de manier waarop dit vermogen moet worden geregistreerd (zie ook: dit eerdere artikel over de opbrengst van de koopwoning) volgt weliswaar de fiscale systematiek, maar leidt in de praktijk tot vraagtekens op het voorhoofd van huurder en verhuurder.

De al wat oudere man loopt stapje voor stapje de kamer door. “Mijn vrouw heb ik helaas niet mee kunnen nemen”, vertelt hij, ”ze is bedlegerig en erg moeilijk ter been. De wijkverpleegkundige heeft voor haar dan ook een zorgplan van 12 uur per week opgesteld.” De woning is ze op het lijf geschreven: geen drempels, gelijkvloers, lift, helemaal aangepast.

Dan blijkt dat ze niet genoeg inkomen hebben: de huur is 650 euro, maar ze komen op enkele honderdjes na nèt niet aan de wettelijk vereiste € 30.400. “We hebben nog wel een spaarpotje”, probeert hij nog. Het mag niet baten. Teleurgesteld vertrekt hij weer naar huis, waar zijn vrouw in de woonkamer op bed ligt omdat ze de trap niet meer op kan.

Vanuit mijn eigen historie als hypotheekspecialist bij Vereniging Eigen Huis zou ik een lans willen breken voor een betere systematiek, die meer recht doet aan de werkelijke situatie van de klant. Dat gaat verder dan het bepalen van het ‘fiscale inkomen’. Dat is niet gemakkelijk, nee. Maar wel beter passend in een tijd waarin consumenten gewend zijn serieus te worden genomen, energielasten een steeds groter deel gaan uitmaken van de woonlasten, en maatwerk als gevolg van de informatisering steeds beter is toe te passen. In de hypotheekbranche is deze beweging al lang en breed ingezet; denk aan gegevens van SVB, inkomensnormen en afstemming met NIBud, inlezen van data uit www.mijnpensioenoverzicht.nl en zo verder.

Het afsluiten van een hypotheek is volgens de toezichthouder AFM een zogeheten ‘impactvolle beslissing’, waarbij de klant goed en volledig geïnformeerd moet worden over de consequenties en zijn situatie. Er is om kort te gaan een hele wetgeving (Wft) omheen gebouwd.

Mijn vraag: is het aangaan van een huurcontract dan géén impactvolle beslissing?

Auteur

  • Koen Velner
    Koen Velner Adviseur woningcorporaties Meer info

Relevante opleidingen

Relevante artikelen

Typ hier uw vraag...

ondernemer inkomensregistratie sociale huurwoninginkomensregistratie monopoly kanskaart